Autoband vervangen: handige tips voor een veilige wissel

Een lekke of versleten autoband vervangen klinkt ingewikkelder dan het is. Met de juiste voorbereiding en een paar slimme autoband vervangen tips doe je het veilig en zonder gedoe. Of je nu nood heeft aan een snelle wissel langs de weg of rustig thuis je seizoensbanden wilt omzetten, de aanpak is elke keer hetzelfde.

Wat heb je nodig voordat je begint?

Zorg dat je het juiste gereedschap bij de hand hebt. Zonder de juiste spullen kom je niet ver. Dit heb je nodig:

  • Een krik die sterk genoeg is voor je auto
  • Een wielsleutel of dopsleutel
  • De reserveband of de nieuwe band
  • Een vlakke, stevige ondergrond om op te werken
  • Wielsteunen of drempels om de auto extra te beveiligen

Controleer ook van tevoren of je reserveband voldoende lucht heeft. Er is niets zo frustrerend als een lege reserveband op het moment dat je die nodig hebt.

Stap voor stap: zo verwissel je een autoband

Volg deze stappen in de juiste volgorde. Sla geen stap over, want veiligheid staat voorop.

  • Stap 1: Zet de auto veilig neer. Kies een vlakke, stevige plek. Zet de motor uit, trek de handrem aan en leg eventueel drempels voor of achter de andere wielen.
  • Stap 2: Draai de wielbouten iets los. Doe dit voordat je de auto omhoogkrikt. Zo voorkom je dat het wiel meedraait als je kracht zet. Draai de bouten kruiselings los voor een gelijkmatige spanning.
  • Stap 3: Krik de auto omhoog. Gebruik het krikpunt dat de autofabrikant aangeeft. Dit staat in het handboek van je auto. Krik de auto op tot het wiel duidelijk vrij is van de grond.
  • Stap 4: Verwijder de bouten en het wiel. Draai de bouten nu helemaal los en bewaar ze op een veilige plek. Trek het wiel recht naar je toe.
  • Stap 5: Plaats de nieuwe band. Schuif het wiel op de naven en draai de bouten met de hand vast. Doe dit ook kruiselings zodat het wiel recht blijft hangen.
  • Stap 6: Laat de auto zakken en trek de bouten aan. Krik de auto voorzichtig terug naar beneden. Zodra het wiel de grond raakt, trek je de bouten stevig aan. Doe dit opnieuw kruiselings.
  • Stap 7: Controleer de bandenspanning. Na het wisselen check je zo snel mogelijk de luchtdruk. Een verkeerde bandenspanning is gevaarlijk en sloopt de band sneller.

Let op de rijrichting van je band

Veel moderne autobanden hebben een vaste rijrichting. Op de zijkant van de band staat dan een pijl of het woord “Rotation”. Monteer je de band achterstevoren, dan werkt het profiel niet goed. Dit is zeker bij nat wegdek een gevaar, omdat de waterafvoer dan slechter is. Bekijk dus altijd de zijkant van de band voordat je hem plaatst.

Vergeet het ventiel niet

Als je een nieuwe band op de velg laat monteren, is het slim om meteen ook het ventiel te vervangen. Het ventiel is het kleine onderdeel waarmee je de band oppompt. Na verloop van tijd kan het rubber van het ventiel slijten of hard worden, waardoor er langzaam lucht ontsnapt. Gebruik daarnaast altijd een ventieldopje. Zo blijven vuil en vocht buiten en blijft de bandenspanning stabieler.

Wanneer zijn autobanden echt aan vervanging toe?

Een band is aan vervanging toe zodra het profiel te vlak wordt. In Nederland geldt een wettelijke minimale profieldiepte van 1,6 millimeter. Zodra je onder die grens komt, rijd je met een onveilige band en riskeer je een boete bij een politiecontrole. Rij je veel in de regen, dan is het verstandig om al eerder te wisselen, bij een profieldiepte van rond de 3 millimeter.

Ook de leeftijd van de band telt mee. Zelfs als het profiel nog goed oogt, kan rubber na een aantal jaren hard en bros worden. Controleer de productiedatum op de zijkant van de band. Die staat als een viercijferige code aangegeven, bijvoorbeeld 1823, wat betekent: week 18 van het jaar 2023.

Na de wissel: dit mag je niet vergeten

Een goede autoband vervangen tip die veel mensen overslaan: laat na het zelf wisselen de wielbouten nabij een garage controleren op de juiste aanhaalmoment. Bouten die te los zitten zijn gevaarlijk. Bouten die te strak zitten, kunnen de velg beschadigen. Een garage gebruikt hiervoor een momentsleutel. Controleer de bandenspanning ook opnieuw na een korte rijafstand van zo’n tien tot twintig kilometer, want banden kunnen iets zakken nadat ze even hebben gereden.

Veelgestelde vragen

Moet ik na het vervangen van een autoband de wielen laten balanceren?
Als je een band opnieuw op de velg laat monteren door een bandenspecialist, is het verstandig om direct te balanceren. Een ongebalanceerd wiel zorgt voor trillingen in het stuur en slijt de band ongelijkmatig. Wissel je alleen het wiel inclusief velg, zoals bij seizoensbanden die al gemonteerd zijn, dan is balanceren niet per se nodig als het eerder al is gedaan.

Kan ik zelf een autoband wisselen of heb ik een garage nodig?
Een wiel met al gemonteerde band wisselen kun je zelf doen met een krik en een wielsleutel. Een losse band van de velg halen en er een nieuwe op monteren is iets voor de garage of bandenspecialist, omdat je daarvoor speciale machines nodig hebt.

Hoe lang mag ik rijden op een reserveband?
Een compacte reserveband, ook wel noodwiel of “space saver” genoemd, is bedoeld voor tijdelijk gebruik. Rijd er niet harder mee dan de maximumsnelheid die op de band staat, en vervang hem zo snel mogelijk door een gewone band. Een volwaardige reserveband kent die beperking niet, maar controleer ook dan altijd de luchtdruk voordat je ermee rijdt.

Hoe weet ik op welk punt ik de krik moet plaatsen?
Het krikpunt van je auto staat aangegeven in de handleiding. Vaak zijn er ook kleine inkepingen of markeringen zichtbaar in de dorpel van de auto, net achter of voor het wiel. Gebruik altijd het juiste krikpunt. Op een verkeerde plek kriken kan de dorpel of carrosserie beschadigen.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *